Gerda vroeg er vorige week al om, dus vandaag een prachtig liefdesgedicht. Op zich vind ik liefdespoëzie in combinatie met het wilde westen best prima, maar soms vergaloppeerd een dichter zich. Zoniet madam Jennifer Butterfly (haar echte naam) die ieder jaar op de Countryfair van Saskatchewan, in het noordwesten van de VS, haar liefdeslyriek voordroeg. Voor de goede orde, zij droeg voor op de Countryfairs van 1856, 1857, 1858, 1860 (in 1859 was er geen Countryfair vanwege de kidnap van de sheriff's dochter), 1861, 1862, 1863, 1864, 1865, 1866, 1867, 1868, 1869, 1870, 1871, 1872, 1873, 1875 (in 1874 was er geen Countryfair omdat de sheriff's dochter was bevrijd en dat werd gevierd) 1876, 1877 en 1878. Vanaf 1879 had de Countryfair een dusdanig andere opzet gekregen, dat Jennifer Butterfly niet langer welkom was. Dat heeft haar altijd erg veel pijn gedaan. Haar laatste gedicht was een zeer bittere aanklacht tegen de organisatie, die in haar ogen laks, partijdig, gemeen, obstinaat en manipulatief was. Dit gedicht komt van de Countryfair van 1872.
Het gelukzalige terugverlangen
naar zijn warme handen, zijn harige rug
hij is al weken op de prairie
en ik wens hem telkens terug
Zijn plooitjes als hij lacht, zo lief
het teed're als hij vrijt
dat doet hij met mij heel anders dan
met een of andere meid
Hij is nu al een maand van huis
fijne gedachten zijn geen straf
ik wacht op hem mijn dagen door
en kijk de prairie af
En op een dag, daar zal hij zijn
in de verte als een schim
en als hij dan weer voor me staat
zeg ik: hoe was het Wim?
En Wim zal zeggen: 't gaat me goed
maar o wat een gemis
ik dacht de dagen lang aan jou
ik weet wat liefde is
En zo vallen wij ons om de nek
een hartelijk gezicht
want werken is een belangrijk ding
maar meer nog huw'lijks plicht
Countryman Ray
Posts tonen met het label liefdesgedicht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label liefdesgedicht. Alle posts tonen
maandag 31 januari 2011
woensdag 20 oktober 2010
Pretty colors
Hoewel de meeste foto's die we hebben van het Wilde Westen in zwart-wit zijn, moet het er behoorlijk kleurig en fleurig zijn geweest. Uit overleveringen van indianen weten we dat er zeker negentig verschillende kleuren in de lucht zitten en dat de kleigronden vaak uit meerdere kleurlagen bestaat. Vandaar dat dichters in die tijd altijd erg gefixeerd waren op kleuren. En dan met name Mary Buttersword, die honderden gedichten schreef over kleuren. Het waren over het algemeen vrij zemelige gedichten, over liefde en dergelijke, maar altijd met een behoorlijke aandacht voor kleur. Zoals uit het onderstaande gedicht blijkt:
Liefste, ik blijf je altijd trouw
zoals de lucht die van okerachtig blauw
via magentarodig naar kastanjebruinachtig lila
je hebt een berghut en geen villa
maar dat interesseert me niet veel
al was je haar niet blauwtintgrijs maar okergeel
of zoals de lucht soms grijsbleek soms antracietgrauw
Liefste, wij zijn een stel apart
zoals de bodem soms avondvurigrood is of gitzwart
via karmozijn naar vlakbeige lichtoranje
je hebt geen stijl en ook geen franje
maar ik ben zelf ook niet veel moois
met een korenblauwe rok, of is 't turkoois?
voor onze toekomst maak ik me hard
Countryman Ray
Liefste, ik blijf je altijd trouw
zoals de lucht die van okerachtig blauw
via magentarodig naar kastanjebruinachtig lila
je hebt een berghut en geen villa
maar dat interesseert me niet veel
al was je haar niet blauwtintgrijs maar okergeel
of zoals de lucht soms grijsbleek soms antracietgrauw
Liefste, wij zijn een stel apart
zoals de bodem soms avondvurigrood is of gitzwart
via karmozijn naar vlakbeige lichtoranje
je hebt geen stijl en ook geen franje
maar ik ben zelf ook niet veel moois
met een korenblauwe rok, of is 't turkoois?
voor onze toekomst maak ik me hard
Countryman Ray
Abonneren op:
Reacties (Atom)