Posts tonen met het label Drie WIjzen uit het Oosten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Drie WIjzen uit het Oosten. Alle posts tonen

vrijdag 24 december 2010

Advent Poetry 7: Quiet in the tent

Het laatste adventsgedicht, op de valreep van Kerstavond.
Nadat de drie wijzen waren vertrokken en er behalve een aantal beesten niemand meer in de stal was te vinden, bleven Jozef en Maria nog enkele dagen op aan te sterken. Over die onderbelichte periode gaat het volgende gedicht, maar dan in de 'verwesternde' versie van Jacky Labadie uit het Montanese gehucht Shaladoober. Het is een vreselijk kreupel gedicht en ik verontschuldig me hiervoor op voorhand, maar toch ook niet helemaal: het is tenslotte afgeleid van Labadie's werk en dat is niet het beste onder de zon.


De wijzen kozen het hazenpad terug
Jozef sprak tot zijn zoon en zijn vrouw
dat is ook weer achter de rug
gaan wij nu gauw?

Nee, zei Maria, we blijven nog even
dat is wel zo goed voor onze kleine
Jozef riep: wat zullen we nu beleven?
vertel mij hierover het fijne

Maria sprak: ik wil nog wat rusten
en de kleine ziet wat pips
ik zou wel een boterham lusten
en een verse doek om Jezus' bips

Het werd rumoerig voor de stal
Maria dacht dat ze kloppen hoorde
Jozef zei: ik zie het al
de drie klusjesmannen uit het noorden

Het werd meteen een dolle boel
met de loodgieter, smid en een bakker
zelden had Jozef zo'n leuke week
en Jezus lag steeds wakker

Dus al met al
was het in de stal
een herrie van formaat
Jezus wist op dat moment
(los van Goed en Kwaad)
dat het leven niet over rozen gaat


Countryman Ray

maandag 20 december 2010

Advent Poetry 5: the return

Wat weinig mensen beseffen is dat de drie wijzen ook weer terug gingen. Logisch, zou je nu zeggen, maar in die tijd was dat helemaal niet zo vanzelfsprekend. En juist daarom is het zo vreemd dat niemand moeite heeft gedaan deze terugreis te beschrijven, behalve Jack Weisman, de conservator van het onbekend gebleven westernverhaal. Aan de hand van het boekje 'The wise men, did they ever return?' heb ik het volgende adventsgedicht gecomponeerd.


De drie wijzen konden in het westen niet aarden
zij hadden Christus getroffen en vonden het welletjes
zij haalden de handen eens door hun baarden
en vertrokken met een luit, harp en veel belletjes

Jozef en Maria waren verguld en ook best blij
met het bezoek, dat 't kindeke had verwend
maar na een bevalling met drie wildvreemden erbij
hadden ze echt iets van: nu weer rust in de tent

Dus vertrokken ze gedrieën op hun oude paarden
roepend: het is niet zo ver als je de route nog kent
Jozef legde gauw een houtblok in de haard en
Jezus noemde ze later: wijs, energiek en heel attent


Countryman Ray

vrijdag 17 december 2010

Advent Poetry 4: Eating and drinking

Het Kindeke Jezus kreeg van de Drie Wijzen uit het Oosten goud, wierook en mirre. Daaraan kun je wel zien dat de Geboorte niet op de prairie plaatsvond. Daar zou namelijk het prairie-equivalent van goud, wierook en mirre zijn geschonken: water, voedsel en whisky. Dat is namelijk wat daar werkelijk essentieel is. Hoe het uitgepakt zou hebben wanneer de Drie Wijzen dat in Bethlehem hadden meegebracht lees je hieronder. Het gedicht komt op sommigen wellicht blasfemisch over, maar dat is het niet, want wat ik laat gebeuren is niet werkelijk gebeurd. Het is dichterlijke vrijheid. In feite transponeer ik de Stal naar de prairie. En ik heb juist een enorm ontzag voor het Kindeke Jezus en zijn ouders.


Jozef zei "dank je" tegen de Wijzen
Maria kroop voor hen door het slijk
want met het water dat ze kregen
waren ze de koning te rijk*

het voedsel viel ook in goede aarde
Jozef hapte flink in het brood
Maria smulde van de bonen
en het Kindeke at met de billen bloot

maar het lekkerste vond Jozef, die rakker
de whisky, die hij met smaak opdronk
en ook Maria dronk stoer haar deel
terwijl ver boven hen de Sterre blonk

de Wijzen namen afscheid, tevreden
en Jozef zeide: kom nog eens weer
neem dan wel wat extra whisky mee
dan gaan we nog eens flink tekeer


* = Jezus

Countryman Ray