Wat ben ik blij dat het weer lente wordt, hopelijk een erg Blonde Lente! Over de lente gaat ook het volgende gedicht.
de prarie ziet er altijd eender uit
dezelfde kleur, dezelfde glans
en steeds hetzelfde geluid
van wolven en bizons, zo groot
van adders, loerend op een kans
van cowboys, geveld door lood
zodat hun botten fluiten in de wind;
een coyote rent achter de roedel aan
een stuk vacht aan een cactus gepind
zo is de praire in de lente, net als altijd
zo is het al eeuwenlang gegaan
de prairie raakt nooit haar onschuld kwijt
Countryman Ray
Posts tonen met het label cactussen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label cactussen. Alle posts tonen
woensdag 17 maart 2010
zondag 24 mei 2009
Point Knockers
Een keer, op een feestje, zei iemand tegen me dat het countryleven heel eenzijdig is. Ik vroeg hem wat hij bedoelde. Nu wist ik toevallig dat de bewuste persoon homo was (niks mis mee hoor, maar hij is het wel) en dus kwam het hoge woord eruit: op de prairie is geen plaats voor homo's. Tenminste, dat vond hij. Ik zei: hoe kom je daarbij? Op de prairie wordt er niet naar geaardheid gekeken.
Om aan te tonen dat er in de westernwereld ook best homo's voorkomen, heb ik een mooi gedicht geschreven over een blonde zwemgod, Bill. Het is niet per se een homogedicht, maar het gaat toevallig over een man die een andere man begluurt. Zoals homo's dat wel vaker doen. Niet dat ik dat zelf vind, ik ben geen homo namelijk, maar die zelfde vriend zei dat. Die zei: ja, we houden er wel van, een beetje te gluren naar lekkere mannen.
Hoe dan ook, ik toon met dit gedicht aan dat homo's best een plekje kunnen hebben op de prairie.
Ik liet mijn onschuldige banjo achter bij de kreek
van Point Knockers
waar blonde Bill
zijn baantjes trok
en ik vanuit de treurwilg
op zijn kruin keek
en meer zag
zoals de velden achter de kreek
de cactussen de bomen
en het begin van de prairie
waar ik zo van houd
Blonde Bill
de sterzwemmer van Point Knockers
met zijn driehoekige schouderpartij
en zijn regelmatige slag
in het water dat hem droeg
Van de kreek waar ik mijn onschuldige banjo
achterliet in de bramenstruik
onder de treurwilg
Countryman Ray
Om aan te tonen dat er in de westernwereld ook best homo's voorkomen, heb ik een mooi gedicht geschreven over een blonde zwemgod, Bill. Het is niet per se een homogedicht, maar het gaat toevallig over een man die een andere man begluurt. Zoals homo's dat wel vaker doen. Niet dat ik dat zelf vind, ik ben geen homo namelijk, maar die zelfde vriend zei dat. Die zei: ja, we houden er wel van, een beetje te gluren naar lekkere mannen.
Hoe dan ook, ik toon met dit gedicht aan dat homo's best een plekje kunnen hebben op de prairie.
Ik liet mijn onschuldige banjo achter bij de kreek
van Point Knockers
waar blonde Bill
zijn baantjes trok
en ik vanuit de treurwilg
op zijn kruin keek
en meer zag
zoals de velden achter de kreek
de cactussen de bomen
en het begin van de prairie
waar ik zo van houd
Blonde Bill
de sterzwemmer van Point Knockers
met zijn driehoekige schouderpartij
en zijn regelmatige slag
in het water dat hem droeg
Van de kreek waar ik mijn onschuldige banjo
achterliet in de bramenstruik
onder de treurwilg
Countryman Ray
Abonneren op:
Posts (Atom)